Architectuur onder Stalin

Na de oktober revolutie van 1917 brak er voor de “kunsten” een relatief vrije periode aan. Het waren de hoogtijdagen van het constructivisme. Kunst moest een utilitaristische sociale doelstelling hebben. Deze brede culturele stroming borduurde voort op het suprematisme van Malevitsj en hij was het die ooit het werk van Alexander Rodchenko met deze term beschreef. Het constructivisme zou beschouwd kunnen worden als de officiële kunst van de Soviet Revolutie.

Ten tijde van de revolutie waren er twee elkaar bestrijdende culturele organisaties. Enerzijds Proletkult, een los verband van culturele organisaties die onafhankelijkheid zocht van het staatsapparaat. Anderzijds, het “People’s Commissariat of education” (Narkompros), het voornaamste culturele “lichaam” van de Soviet staat. Proletkult wilde een geheel nieuwe proletarische cultuur stichten. Na langdurige onderlinge strijd en protest van haar leden, werd Proletkult oder druk van Lenin in Narkompros geïntegreerd. Lenin begint de kunsten langzaam in te kaderen in het bureaucratische bestel en begint haar langzaam als instrument te gebruiken om de partij ideologie onder het volk te verspreiden. Abstracte kunst werd door de massa niet begrepen en was daardoor niet erg bruikbaar als propaganda. In 1919 wordt Stalin opgenomen in het vijf koppige Politbureau en wordt in 1922 benoemt tot secretaris-generaal. Na het overlijden van Lenin in 1924 zal het nog tot 1928 duren voordat Stalin de alleenheerschappij naar zich toetrekt. Stalin zou de onder Lenin reeds geformuleerde opvattingen over kunst verder in de praktijk brengen en haar rol in de partijpropaganda verder uitbouwen.

Stalin(1924-1953) is uitsluitend geïnteresseerd in de propagandistische waarde van kunst. In tegenstelling tot Hitler heeft Stalin zich nooit in het openbaar geuit over wat hij verwachtte van de kunstenaars in een socialistische maatschappij. Russische- zowel als Westerse historici geven geen duidelijk beeld van de oorzaken van de teloorgang van het constructivisme. Dimitrij Chmelnizki noemt als mogelijke oorzaak de toegenomen welvaart en de wens de nationale geschiedenis van Rusland te ontsluiten. De plaats van het constructivisme wordt ingenomen door een een mooie en rijke architectuur die de grootsheid van het socialistische idee en de Stalinistische zorg voor de mens tot uitdrukking moet brengen (blz 5).

In 1932 werden alle onafhankelijke kunstenaars organisaties bij decreet door Stalin verboden. De individuele kunstenaar werd het onmogelijk gemaakt om werk voor zichzelf te creëren omdat ze dan als werkeloos zouden worden gebrandmerkt, hetgeen tot vervolging zou leiden. Ook de vrije markt bestond niet meer zodat er voor vele kunstenaars dan ook niets anders over bleef dan de zijde van de staat te kiezen (Stalin as Art critic and Art Patron, Elena Postnikova). Overigens is het opmerkelijk dat onder architecten meer affiniteit bestond met het gedachtengoed van de revolutie dan onder schrijvers. Ook in het Westen was er een stroming (Le Corbusier) die niet afwijzend stond tegenover een planmatige aanpak van de stedenbouw onder volledige staatscontrole.

De bouwstijl in de twintiger jaren is nog in hoge mate beïnvloed door het “constructivisme”. Er worden veel clubs onder architectuur gebouwd waarbij het sociale element van klassen intergratie op de voorgrond staat. Vanwege de relatie tussen binnen en buiten en het als het ware “levend” maken van het gebouw door de beweging binnen te laten zien, wordt veel glas gebruikt. De Zuev Club (Golosov) in Moskou is een mooi voorbeeld van het gebruik van nieuwe materialen en de nieuwe industriële esthetiek waarin het gebouw als machine wordt verbeeldt. Veel ontwerpen van de constructivisten komen vanwege het slechte economische klimaat vaak niet verder dan de teken tafel zoals het ontwerp van Tatlin van een vierhonderd meter hoge toren met roterende secties voor een monument ter ere van de derde Internationale. Voortbordurend op het werk van Tatlin experimenteerden de Vesnin broers met diverse ruimtelijke bouwstijlen. De nadruk die de constructivisten legden op functionaliteit ging ten kosten van esthetische elementen in de bouw (History of Russian architecture, blz 478). De nieuwe differentiatie in de Soviet samenleving tussen de werkers en de bestuurders uit zich in de bouw van grote appartementen voor de leiders met meer oog voor klassieke stijlelementen. Brumfield noemt in zijn artikel met name de bouw van de “Lenin Library” (1928) als een duidelijk voorbeeld van de voorkeuren van het regime voor meer monumentalisme en minder functionaliteit (blz 481). De aan de gevel gebruikte beelden gaan terug op de traditionele klassieke stijl.

Volgens diverse bronnen was Stalin weliswaar geen groot liefhebber van kunst maar had hij desondanks een grote voorkeur voor de realistische schilderijen van Repin. Het figuratieve komt in de plaats van het abstracte. De oude klassieke stijl met veel ornamenten, bogen, grote zuilen, komt nu, zoals we al zagen bij de Lenin bibliotheek, nu ook breder in de architectuur naar voren. Het oude constructivistische gedachtengoed van de architect als sociaal engineer (Le Corbusier, Stalin as Art Critic and Patron), zal onder Stalin op een geheel andere manier voortleven dan de oorspronkelijke constructivisten zich gedacht hadden. De stroming die nu ontstaat zal de geschiedenis ingaan als het “sociaal realisme of neoclassicisme”.

Dimitrij-Chmelnizki (blz 223) verdeelt de Stalinistische architectuur in vijf tijdvakken:

1929-1931; fase van de psycholgische voorbereiding op de stijlverandering en het monddood maken van de kritiek.

1931-1932: architecten moeten regeringsgebouwen ontwerpen. Start van de ontwerp competitie voor het paleis van de Soviets. Als voorbeeld van sociaal architectonische dialectiek, waarin het oude voor het nieuwe moet wijken, noemt Brumfield (blz 485) de destructie van de Kerk van de Heilige Verlosser om plaats te maken voor het Paleis van de Soviets. Het lijkt niet vreemd te veronderstellen dat Stalin hiermee ook een signaal gaf aan de kerk en aan de gelovigen. In 1931 start de bouw van de metro.

1933-1936: Goedkeuring ontwerp van paleis van de Soviets. Het gebouw is als het ware een sokkel met daarop een beeld van Lenin. (inclusief Lenin beeld 450 meter) Het functionalisme is nu geheel verdwenen en het gaat uitsluitend om symbolische waarde. Er wordt een steden plan voor Moskou en Leningrad opgesteld waarin plaats wordt gemaakt voor een monumentale architectuur. Volgens Brumfield karakteriseert de Stalinistische architectuur zich in de dertiger jaren door “the fusion of eastern and western motifs (blz 490). In 1935 wort de eerste metro lijn in gebruik genomen. De stations worden als paleizen voor het volk ontworpen.

1937-1941: Consolidering met veel nieuwe competities voor gebouwen, waarbij het constructivisme langzaam verdwijnt middels aanpassingen van bestaande gebouwen aan de nieuwe stijl. De constructie van het paleis begint in 1937 maar wordt vanwege het uitbreken van de oorlog en funderingsproblemen vanwege de naastgelegen Moskou rivier nooit afgemaakt. De technische ervaring die werd opgedaan tijdens het ontwerp komt terug in de ontwerpen van de zeven wolken krabbers die later gebouwd zullen worden.

1941-1945: Het toezicht vanuit de overheid verslapt en er slipt meer romatiek in de ontwerpen.

1945-1953: Het gebruik van ornamenten neemt toe in vergelijk met de vooroorlogse periode. Architecten mogen zich laten inspireren door de neo-gotische wolkenkrabbers uit New York (Municipal Building, Woolworth Building).De dialectische uitleg van het ontwerp was dat de “kapitalistische handels tempels waren bestudeerd en gebruikt waren als fundament met als doel ze een volledig nieuwe betekenis te geven” (bron;internet;the seven sisters compared). De wolkenkrabbers herstelden de verticale elementen in de skyline van Moskou zoals zijn vroeger werd gekarakteriseerd door de vele kerken. Ook Brumfield benoemt “The role of a vertical dominant in organizing a low, seemingly chaotic array of surrounding structures” als typerende stijl voor de oude Russische architectuur. Overigens is het profiel van Moskou tot op heden overwegend horizontaal.

Over de Stalinistische architectuur en de directe invloed van Stalin hierop valt op zich weinig concreets in de literatuur te vinden. Des te meer heeft hij zijn sporen nagelaten in de aanblik van het huidige Moskou. De metro, de vele bruggen over de Moskou rivier, de overheidsgebouwen, de brede allee’s, grote parken en zeker niet in de laatste plaats de wolken krabbers(“the seven sisters”) hebben Moskou de basis gegeven om te hebben kunnen uitgroeien tot een ware metropool.

bronnen:

A history of Russian Architecture, William Craft Brumfield,

Architektur Stalins,Ideologie und Stil 1929-1960,vorgelegt von Diplom-Ingenieur Dmitrij Chmelnizki aus Berlin,Tag der wissenschaftlichen Aussprache: 17.06.2003

Stalin as Art Critic and Art Patron, Capital Scholar via internet, Elena Postnikova, 2005

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s