Destalinisatie

Volgens Polly Jones omvat het begrip destalinisatie; de ontmythologisering van de leiders, hervormingen in de zin van veranderingen in werk, vrije tijd en materiele cultuur. (blz 379) Destalinisatie wordt ook wel aangeduid met het woord “Dooi” (Thaw) naar aanleiding van de door Ilya Erenburg geschreven novelle onder die titel. Bezemer (blz -260-277) splitst het proces van Destalinisatie op in twee tijdsvakken, 1953-1961 en vanaf het twee en twintigste partijcongres in 1961 tot de val van Chroestjov in 1964.

Het duurde na de dood van Stalin enige jaren voordat de partij top zich herschikt had. Nadat de zittende wat oudere leden (Malenkov, Beria en Molotov) van het presidium hadden getracht hun posities te versterken door het aantal leden van het presidium te verkleinen tot tien van vijfentwintig, lukte het de jongere garde onder leiding van Nikita Chroestjov de macht naar zich toe te trekken en de aanzet te geven tot wat later destalinalisatie zou gaan heten. Waar de leiders het onderling in ieder geval over eens waren, was dat de macht die Stalin alleen had gehad, niet nog eens in de handen van een enkele persoon mocht komen(Hosking, blz 529). Deze angst kostte Beria, het hoofd van de machtige veiligheidsdienst, het leven. Het was overigens Beria die in deze jaren de vrijlating van gevangenen uit de Gulags aan de orde stelde en de aanzet gaf tot hun grootscheepse vrijlating.

Voorzitter Malenkov was een voorstander van het verbeteren van de relaties met het Westen, verhoging van de produktie van consumenten goederen en de intensivering van het gebruik van landbouwtechnieken. (Robert Service, blz 332). In dat opzicht kan reeds gesproken worden van een verandering van aanpak ten opzichte van die van Stalin. Echter van een openlijke ontmythologisering van Stalin was nog geen sprake. Het duurde nog tot 1961voordat Stalin uit het Mausoleum werd verwijderd en daarmee in de volle openbaarheid werd veroordeeld (Bezemer blz 269). De landbouwpolitiek wordt door Chroestjov aangescherpt door de ontwikkeling van de “maagdelijke” gebieden in Kazakhstan, de vergroting van de Kolchozen en de groei van het aantal Sovchozen. Het succes van de oogsten in 1954 en 1955 door deze aanpak, legde Chroestjov geen politieke windeieren. In de drie jaar na Stalin’s dood werd een gebied ter grootte van Canada gecultiveerd.

De dood van Beria (1899-1953) en de daarop volgende verzoeken van gevangenen tot herziening van hun veroordelingen zette de discussie over de arbeidskampen scherper op de agenda. Er werd een commissie aangesteld om de veroordelingen, met name die van hoge partijfunctionarissen, te onderzoeken. De uitkomsten van het onderzoek plaatste de partij top in een dilemma. Tenslotte waren zij medeplichtig aan de wandaden van Stalin. De vrijlating van de gevangenen uit de Gulag kwam nu op grote schaal op gang.

Chroestjov besloot ten tijde van het twintigste partijcongres in 1956 de wandaden van Stalin in een vier uur durende geheime toespraak openbaar te maken. Zijn toespraak leidde tot veel onrust in Centraal en Oost Europa en uiteindelijk tot een militair ingrijpen in Hongarije. De door de ontstane onrust verzwakte positie van Chroestjov, leidde in 1957 tot een poging van de oude garde hem af te zetten. Nadat hij deze coup poging overleeft,  heeft Chroestjov min of meer de vrije hand om zijn hervormings-plannen verder gestalte te geven. Overigens blijft hij een sterk gelover in de communistische leer en een voorstander van een harde, militaire, lijn ten opzichte van het Westen.

Chroestjov begint het partijapparaat middels de instelling van zogenaamde “economic councils” te decentraliseren en in een zeker opzicht te democratiseren. De ministeries verloren hun macht. De vergaderingen op alle niveaus van het partijapparaat, onder Stalin gebeurde dit niet  meer, werden weer met regelmaat gehouden. Het oogmerk van Chroestjov is overduidelijk, de positie van de consument te verbeteren. Hij was van mening dat de centraal geleide ministeries te ver af stonden van de dagelijkse praktijk van de productie en de noden van de consument. De economische successen die onder zijn bewind werden geboekt waren indrukwekkend.

De economische hervormingen werden beperkt door de aanhoudende militaire inspanningen die het regime zich getroostte om op hetzelfde peil als de Verenigde Staten te komen. Chroestjov omarmt in het licht hiervan de ideeën van zijn eerder weggewerkte opponent Malenkov.  Chroestjov besluit middelen vrij te maken voor de economische groei door het leger te verkleinen van 5,8 miljoen naar 3,7 miljoen manschappen en meer te vertrouwen op zijn atoom wapens.

Nadat hij al eerder de industriële lobby van zich had vervreemd vanwege zijn benadrukking van de positie van de consument, lijkt hij door middel van deze ingreep in het leger ook dit apparaat van zich te vervreemden. Wel bindt hij de intelligentsia aan zich door meer vrijheden op cultureel gebied toe te staan. Solzhenitsyn en Pasternak mogen onder zijn regime hun werken publiceren en jazz is niet langer taboe. Een andere groepering die hij van zich vervreemde was de kerkelijke gemeenschap. Ten tijde van de tweede wereldoorlog waren onder Stalin de banden met de kerk weer aanzienlijk verbeterd, maar onder het bewind van Chroestjov nam de angst dat godsdienst als een dekmantel voor politieke acties kon fungeren weer toe.

Chroestjov’s hervormingen ondermijnden de dogma’s van Stalin en liberaliseerde het systeem op verschillende manieren maar hij ontmantelde niet haar essentiële institutionele karakter: “the party state’s monopolistic bureaucratic control over society, including the vast economy run by Moscow ministries” (Cohen,blz 71).

—000—

A history of twentieth-century Russia, Robert Service, Penguin books, London, 1997.

Soviet fates and lost alternatives, Stephen F. Cohen, columbia university press, New York, 2009.

Russia and the Russians, Geoffrey Hosking, Harvard university press, Cambridge-Massachusetts, 2001.

Een geschiedenis van Rusland, Bezemer en Jansen, Van Oorschot, Amsterdam 2010

The Dilemmas of De-Stalinization: Negotiating Cultural and Social Change in the Khrushchev Era by Jones, Polly
Source: The Slavonic and East European Review, Vol. 89, No. 2 (April 2011), pp. 379-380

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s