Review essay: Post-Apocalyps in de post-Sovjetzone.

Anne Bogart en Holly Morris, The Babushkas of Chernobyl (2015).
Svetlana Alexievich, Voices from Chernobyl. The Oral History of a Nuclear Disaster (New York 2006).[1]

Op 26 april 1986 ontplofte reactor nummer vier van de kerncentrale in het Oekraïense stadje Tsjernobyl. Een gigantische radioactieve wolk van stofdeeltjes en rook breidde zich uit over Noordwest-Europa en tonnen nucleaire brandstof en radioactief grafiet verspreidden zich over de directe omgeving.[2] Pas na anderhalve dag kwamen de autoriteiten in actie.[3] Het leger werd ingezet om het kernafval op te ruimen en te helpen bij de evacuatie van tienduizenden mensen, die huis en haard moesten achterlaten. De ‘vervreemdingszone’ die zich over een straal van dertig kilometer rondom de reactor uitstrekt, geldt ook vandaag nog als verboden terrein vanwege het aanwezige hoge stralingsniveau. Dit gebied staat centraal in de documentaire The Babushkas of Chernobyl.

Het post-apocalyptische beeld van verlaten dorpen, leegstaande huizen en de deels ingestorte kerncentrale oefent een duister-romantische aantrekkingskracht uit op jonge avonturiers die zich ‘stalkers’ noemen. Illegaal dringen ze de exclusion zone binnen op zoek naar spanning. Naar verluid wordt elke drie dagen iemand opgepakt. Hoeveel stalkers de zone daadwerkelijk weten binnen te dringen blijft gissen. De stalkers ontlenen hun naam aan de videogame S.T.A.L.K.E.R., een first-person shooter waarin de protagonist het opneemt tegen mutanten en andere horrorwezens op het terrein rondom de reactor.[4] In de Babushkas of Chernobyl is een scène te zien waarin een stalker een fles onderdompelt in een beekje en er vervolgens een slok uit neemt waarna hij zegt dat het prima water is, ‘waarschijnlijk beter dan in Kiev’.[5]

De stalkers zijn niet het hoofdonderwerp van de documentaire en zijn ook niet de enigen die zich in de zone ophouden. Ook een aantal oude vrouwen, baboesjka’s, bevolkt de spookdorpjes rondom Tsjernobyl. Deze vrouwen zijn zogeheten resettlers, mensen die zich na de evacuatie in de vervreemdingszone gevestigd hebben. Sommigen liepen daags na hun evacuatie terug naar huis vanuit Kiev, anderen keerden later terug. De filmmakers Holly Morris en Anne Bogart volgden de vrouwen tijdens hun alledaagse bezigheden. We zien de omaatjes het huishouden doen en met elkaar drinken, waarbij een van de vrouwen uitroept: ‘tot morgen hersencellen!’. Ook wordt getoond hoe de vrouwen het land bewerken waar ze van leven. Ze eten pompoen, bessen en paddenstoelen, waarvan bekend is dat ze nog altijd hoge doses radioactieve straling bevatten.[6]

Scènes als deze laten de toeschouwer vertwijfeld achter. Wat bezielt deze vrouwen om op deze plek te willen leven? Waarom maken ze zich geen zorgen om hun gezondheid? En waarom zijn ze inmiddels niet doodziek? Voor wetenschappers zijn de vrouwen daarentegen een dankbaar onderzoeksobject. In de documentaire wordt getoond hoe onderzoekers monsters van hun voedsel meenemen en de vrouwen onderzoeken, die wonderlijk genoeg niet op het randje van de dood balanceren. Helaas proberen de documentairemakers deze paradoxen niet te verklaren, hoewel één van de baboesjka’s wel een antwoord heeft: in Kiev was ze al lang van ellende en eenzaamheid gestorven terwijl ze nu gelukkig op haar geboortegrond leeft.[7]

In Voices from Chernobyl, het boek dat resulteerde uit honderden interviews die de Wit-Russische schrijfster Swetlana Aleksijevitsj midden jaren negentig hield, komen ook de actors voornamelijk zelf aan het woord. Aleksijevitsj’ ontving eerder dit jaar de Nobelprijs voor de literatuur ‘for her polyphonic writings’.[8] Deze meerstemmige aanpak maakt haar boek, door de grote hoeveelheid personages die ze opvoert, veelzijdiger dan de documentaire van Morris en Bogart.

Er is de wetenschapper die tijdens de eerste uren na de ramp wanhopig probeerde de verschrikkelijke waarheid aan het licht te brengen. Er zijn de soldaten die de achtergebleven huisdieren aan de lopende band doodschoten – dieren moesten achterblijven omdat hun vacht radioactieve deeltjes bevatten. Er zijn de liquidatoren die hun leven waagden op het dak van de reactor nadat de robots die ingezet werden het begaven door de kracht van de straling – evenals de rode Sovjetvlag die iedere maand opnieuw boven op de reactor geplant moest worden. Er zijn de echtgenoten en kinderen van de liquidatoren die hun leven verloren. Er is de partijbaas die de 1-meiviering niet durfde af te blazen en er is de vrouw die zag dat de dochter van de lokale partijbaas ondanks het mooie weer een regenjas en hoed droeg.

Het meerstemmige gebed dat Aleksijevitsj heeft opgetekend gaat door merg en been. Zelfs de meest verschrikkelijke details worden de lezer niet bespaard. Een vrouw vertelt hoe ze haar man bleef bezoeken terwijl de straling hem letterlijk uiteen deed vallen en haar een miskraam bezorgde. Maar niet alleen ellende passeert de revue. Soldaten vertellen sterke verhalen (deze zijn er te over dankzij de wijdverspreide mythe dat wodka de schildklier reinigt en zo beschermt tegen de gevolgen van de straling ) en laten zien dat ook in de hel van Tsjernobyl een zekere normaliteit kon bestaan.[9]

Tot slot biedt Aleksijevitsj’ boek inzicht in de beweegredenen van de baboesjka’s. Het rampgebied, waar Sovjetsoldaten huizen begroeven om de straling in te dammen, is hetzelfde gebied waar tijdens de Tweede Wereldoorlog honderden dorpen met de grond gelijk gemaakt werden en de bevolking werd doodgeschoten door de nazi’s. Het is ook het gebied van de Holodomor en waar ten tijde van Stalins terreur de NKVD ’s nachts op de deur klopte. Toen de soldaten, die de situatie bovendien als ‘oorlog’ bestempelen, in de lente van 1986 hun leefgebied ontruimden, was het voor sommige bewoners niet meer dan logisch zich in het bos te verstoppen. En waarom zouden de baboesjka’s die het gevoel hebben eeuwig voorgelogen te zijn door hun regering de verhalen over onzichtbare straling geloven? In ieder geval zijn ze nu vrij: ‘De oogst is rijk. We leven als baronnen’.


[1] Het origineel werd in 1997 onder de titel Tsjernobylskaja molitva (Tsjernobylgebed) gepubliceerd in Moskou.

[2] Paul Dowswell, De Ramp in Tsjernobyl. 26 april 1986 (Amsterdam 2006).

[3] De inertie van de regering was fataal voor de politiek van geheimhouding in de Sovjet-Unie en opende de deur voor Gorbatsjovs glasnost­-politiek. Archie Brown, The Rise and Fall of Communism (Londen 2009) 491 en 492

[4] Zie bijvoorbeeld deze recensie: Gabriel Winslow-Yost, ‘The “Stalker” Game’, New York Review of Books (21 juni 2012). De titel van het spel verwijst naar Andrei Tarkovski’s beroemde film Stalker uit 1979, waarin een haast profetisch verhaal wordt verteld over de Zona, een mysterieus gebied dat omheind is en door het leger bewaakt wordt. Hier houdt de gelijkenis niet op. In de film merkt één van de personages op dat de bloemen in de zone geen geur hebben. Dit is ook wat een getuige ervoer in het rampgebied van Tsjernobyl. Hoge doses straling blokkeren bepaalde functies van het lichaam. Zie: Alexievich, Voices from Chernobyl, 107.

[5] Regisseur Holly Morris schreef eerder als onderzoeksjournaliste een stuk over de stalkers: ‘The Stalkers: Inside the youth subculture that explores Chernobyl’s Dead Zone’, Roads and Kingdoms (26 september 2014): http://www.slate.com/articles/news_and_politics/roads/2014/09/the_stalkers_inside_the_youth_subculture_that_explores_chernobyl_s_dead.html (geraadpleegd op 14 november 2015).

[6] The Chernobyl Forum, ‘Chernobyl’s Legacy: Health, Environmental and Socio-economic Impacts and Recommendations to the Governments of Belarus, the Russian Federation and Ukraine’, op: https://www.iaea.org/sites/default/files/chernobyl.pdf (geraadpleegd op 14 november 2015) 25.

[7] Een andere meespelende factor is dat de vrouwen pas op latere leeftijd blootgesteld zijn aan de straling, wat de gezondheidsgevaren enigszins reduceert.

[8] Onbekend, ‘Svetlana Alexievich – Facts’, op: http://www.nobelprize.org/nobel_prizes/literature/laureates/2015/alexievich-facts.html (geraadpleegd op 14 november 2015).

[9] Vgl. Christine Daum, ‘Der Wodka sollte unsere Schilddrüsen reinigen… Igor’ Kostin über seine Tschernobyl-Fotos’, Osteuropa 56/4 (2006) 57-62.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s