LA MUSIQUE POUR LA MUSIQUE

4 T

Portret van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski door Nikolai Kuznetsov

“Want de muziek, hoe monumentaal ook, klinkt toch als iemand die zichzelf overschreeuwt: ‘zie je wel hoe intens gelukkig ik ben!’ maar er zelf nauwelijks in gelooft.”[1] Zo wordt in het programmaboekje van het Nederlands Philharmonisch Orkest Tsjaikovski’s Vijfde Symfonie omschreven. In tegenstelling tot zijn Vierde Symfonie (die alleen zware, dramatische delen kent) eindigt de Vijfde Symfonie ‘himmelhoch jauchzend’, dat in het programmaboekje verklaard wordt aan de hand van de levensloop van de componist, Tsjaikovski zou bij het schrijven van zijn Vijfde net uit een depressie zijn, terwijl hij de Vierde schreef toen hij depressief was. Wanneer je dit in het programmaboekje voor het concert leest, voel je niet alleen de emotie in het werk, maar je krijgt ook het gevoel dat de muziek uitdraagt hoe Tsjaikovski zich moet hebben gevoelt, dat hij ‘zichzelf overschreeuwt’, met zichzelf in de knoop zat en dat hij op moment van schrijven diep ongelukkig moet zijn geweest.

Het blijkt echter risicovol om deze, zelfervaren, connectie tussen het leven van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski (1840-1893) en zijn muziek te maken. Want hoewel de werken van Tsjaikovski gevoelig, dramatisch en vaak emotioneel van aard zijn, en Tsjaikovski meerdere malen depressief was, ongelukkig getrouwd was en waarschijnlijk worstelde met zijn seksuele geaardheid, blijken de relaties tussen de omstandigheden in het leven van Tsjaikovski en de gevoelens die zouden spreken uit zijn werken zelden overeen te komen, zo schrijft Philip Bullock in zijn biografie over de componist.[2] Dat het gevoel van Tsjaikovski en het gevoel in zijn werk niet hetzelfde waren, kunnen we niet alleen achteraf met historisch onderzoek constateren, ook Tsjaikovski zelf merkte dit al op in een brief aan zijn goede vriendin Nadezjda von Meck:

‘Those who believe that the creatieve artist is capable of using his art to express what he feels at the very moment he experiences it are wrong. Both sad and joyful feelings are always expressed retrospectively, so to speak. Without having any particular reason for feeling joyful, I can immerse myself in a mood of cheerful creativity, and by contrast, I can produce in happy circumstances a piece which is steeped in the gloomiest and most desolate of feelings.’[3]

En terwijl uit deze brief duidelijk een verschil blijkt tussen zijn gevoel en de gevoelens in zijn werken is volgens Francis Maes, over Tsjaikovski lang geschreven als een ‘typical musician of the nineteenth century’. Typisch negentiende-eeuws omdat de componist zou teruggrijpen naar de romantici en net als zij zou willen vluchten van de werkelijkheid. Volgens Maes is echter de romantische interpretatie van Tsjaikovski’s werk misleidend, omdat wanneer je Tsjaikovski beter bestudeerd en voorbij de romantische clichés gaat, Tsjaikovski veel meer blijkt dan een hopeloze negentiende-eeuwse romanticus. [4]

Uit de brieven, dagboeken en muziekrecensies geschreven door Tsjaikovski blijkt volgens Maes dat Tsjaikovski in zijn (en in andermans) muziek vooral grote waarde hechtte aan ‘schoonheid’.[5] Een ideaal dat we kunnen herkennen in het estheticisme dat in de tweede helft van de negentiende eeuw opkwam, waarbij een kunstenaar geen hoger doel heeft dan het creëren van schoonheid. L’art pour l’art, kunst om de kunst, zonder diepere betekenis, of zoals de befaamde esthetische Britse schrijver Oscar Wilde stelde: ‘Beauty is above genius, because it does not require understanding.’

Misschien is het in dit licht dat we de werken van Tsjaikovski moeten beoordelen. Moeten we afstappen van het willen verklaren, logische patronen willen ontdekken en het willen begrijpen van de man achter de werken. Pjotr Tsjaikovski laat je met zijn muziek namelijk vooral schoonheid ervaren; kunst. Hij laat je genieten, voert je mee in zijn muziek, zonder duidelijke betekenis.[6] Hij laat je emoties voelen met zijn muziek, maar het zijn niet zíjn emoties die je voelt, maar die van jezelf. Het is tijd om Tsjaikovski niet meer te beschouwen als een hopeloze, ongelukkige romanticus, maar als een musicus die muziek schreef om de muziek.

[1] Programmaboekje Nederlands Philharmonisch Orkest, het Concertgebouw, 4 juni 2016.

[2] Philip Bullock, Pyotr Tchaikovsky (Glasgow 2016) 16.

[3] Bullock, Tchaikovsky 15.

[4] Francis Maes, A History of Russian Music. From Kamarinskaya to Babi Yar (Berkley en Los Angeles 2002) 134-136

[5] Maes, A History of Russian Music 134-138.

[6] Bullock, Tchaikovsky 15.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s